Face à la mer

Het warme weer wordt langzaam opgeslokt door de kille zeebries. Het deert hem niet. Roken moet je op je gemak doen, geen overhaast gedoe. Dat er inmiddels kippenvel op zijn onderarmen staat, is iets om te negeren. Er is een wind opgestoken die zelfs voor Nederlandse begrippen fiks is. Om geen as in zijn gezicht te krijgen, gaat hij met zijn rug tegen de wind in staan. Hij mag zijn voeten weleens wassen. Het zand is onder zijn nagels gaan wonen.

Bij de derde hijs gaat de deur van de naastgelegen kamer open. Nog iemand die op het balkon wil roken? Een jonge vrouw knikt naar hem en neemt een sigaret uit een pakje dat precies in de achterzak van haar jeans past. Voor een aansteker is blijkbaar geen plek meer, want ze leunt direct over het hek met vragende ogen en een gebaar naar zijn sigaret. Zijn Frans is belabberd, dus houdt hij zijn aansteker zwijgend voor haar gezicht. Het vlammetje weerspiegelt in haar ogen. Ondeugend. Dat ze daarna een bijna onhoorbaar ‘merci’ zegt en met haar ontblote rug naar hem gaat staan, is een manier om hem uit te dagen.

‘Er is ander weer op komst.’ Ze spreekt Frans, maar met een accent.
‘Zeggen ze dat?’
‘Ja. Op het weerbericht.’ Ze gaat op een stoel zitten, met haar benen op de hoge tafel. Russisch, Roemeens, Kroatisch?
‘Kom je uit Nederland? Zij heeft hem in ieder geval sneller door. Een korte knik.
Een goedkeurende glimlach. Pretoogjes.
‘Ik uit Hongarije.’ Er is niets dat hij over Hongarije kan bedenken om te vragen.
‘Heb je zin om te kaarten?’ vraagt ze nadat ze een flinke trek van de sigaret heeft genomen. De peuk licht er even helemaal van op.
‘Nee, ik denk dat ik ga douchen.’ Maar hij blijft op het balkon staan, ook al is de sigaret inmiddels opgerookt. Het peukje hangt als een zielig stompje in zijn hand. Ze schuift een tas naar zich toe die daar al gestaan moet hebben. Uit een zijvak pakt ze een stok kaarten. Met uiterste precisie schudt ze het setje.
‘Welk spel speel je?’ vraagt ze.
‘Dat gaat toch niet.’
‘Wat bedoel je?’
‘Jij daar en ik hier.’
Ze lacht, staat op, gooit de weekendtas over het hek en stapt er daarna behendig overheen.
‘Zo gaat het wel.’ Ze schuift de stoelen aan de tafel en gaat zitten, op dezelfde manier met haar benen op de tafel. Haar enkels hebben gekleurde bandjes.
‘Het waait te hard voor een kaartspel,’ merkt hij droog op.
‘Vraag je me nou binnen te komen?’ Ze kirt opgewonden en trippelt de hotelkamer in. Inclusief weekendtas. Hij gooit de peuk over de balkonrand en volgt haar naar binnen.

Er klinkt gestommel op de gang. Zijn ogen willen niet open, de oogleden zijn nog te zwaar. Een droge keel, een onbekende geur. En dan ineens weer de herinnering aan Fayenne. Fayenne met het lange, bruine haar en ultraslanke lichaam. Ze slaapt nog. Nog meer gestommel en geroep. Hoe laat is het? Tien uur in de ochtend. Waarom maken die schoonmakers zo’n herrie? Eerst een glaasje water. Hij heeft een pestdorst.

Vlak voordat hij met zijn mond onder de kraan hangt, denkt hij aan de waarschuwing geen kraanwater te drinken. Godver, waar is die verdomde waterfles gebleven? Hij struikelt bijna over een weekendtas. Haar weekendtas. De rits is open en de tas is leeg.

Sirenes. Snerpend en indringend. Ze komen dichterbij, cirkelen om het hotel heen en verstommen dan, met een valse naklank. Ze zijn in de buurt gestopt. Hij loopt het balkon op, steekt een sigaret aan en tuurt in de hoteltuinen die tot aan zee de ruimte opvullen. Oleanders, rozenstruiken en een verdwaalde olijfboom. Er is niemand te zien. Tijd om de sigaret rustig op te roken krijgt hij niet, want er klinken luide bonzen op de deur. Het is dringend.
‘Rustig, rustig,’ roept hij in zijn beste Frans, ‘ik kom eraan.’

Voor de deur drie agenten in uniform met ernstige gezichten.
‘Meneer, kunnen we u wat vragen stellen?’
‘Waarover?’
‘Over de man die naast u verblijft in hotelkamer vijf.’
‘Sorry, ik heb geen idee wie daar verblijft. Ik ben hier nog niet zo lang en heb nog geen gasten gezien.’
‘Wat is er schat?’ Fayenne staat naast hem, met de lakens om haar middel gewikkeld.
‘Uw vrouw?’ vraagt de dikste agent. Voordat hij kan antwoorden geeft Fayenne bevestigend antwoord.
‘U heeft gisteren niets gehoord? U ook niet, mevrouw? Van kamer vijf?’
Hij schudt zijn hoofd.
‘Wat is er gebeurd dan?’ vraagt Fayenne vlug.
‘De gast is overleden. Zouden we even in uw hotelkamer rond mogen kijken?’
‘Waarom?’ snerpt Fayenne.
‘Geen probleem, geen probleem,’ zegt hij snel en hij trekt Fayenne naar achteren.
Zijn kamer is een puinhoop. Op het bureau staan haar parfum, borstel, make-up kwastjes en oogschaduw. Aan de spiegel hangen drie verschillende kettingen. In de hoek van de kamer ligt een stapeltje wasgoed. Er staan sandalen, hoge laarzen en slippers. Het lijkt of ze hier al dagen verblijft, terwijl ze vannacht voor het eerst hier was.

Fayenne is gaan douchen. Ze hebben nog niet gesproken over de gast in vijf. Hotelkamer vijf is de kamer waar Fayenne logeerde. De kamer waar ze tot gisteravond sliep. Nerveus gaat hij op het balkon nog een sigaret roken. Hij vraagt zich af of hij medeplichtig is aan iets. Had hij tegen de agenten moeten zeggen dat ze niet zijn vrouw is? Heeft Fayenne haar minnaar vermoord en wordt hij nu gebruikt als alibi?

Een schoonmaakster verdwijnt achter een oleanderstruik met een grote zak wasgoed. De wind is gaan liggen, maar de zee is nog steeds wild. Het geraas van de golven is hypnotiserend. De nicotine doet hem goed.
Ze liet haar lange haren over zijn buik vallen en verdween tussen zijn benen. Ze maakte tevreden knorgeluidjes toen hij over haar rug streelde. Ze voelde fluweelzacht over haar hele huid, maar had nergens haren. Tussen haar schouderbladen was een kleine ster getatoeëerd.

Ze roept naar hem, of hij een schone handdoek aan kan geven.
De sigaret verdwijnt over de balkonrand, het visitekaartje van de agent glijdt in zijn broekzak. Hij kan straks nog naar het politiebureau gaan. Ze wacht op hem.

één reactie

  1. Nathalie spaans
    30 januari 2019
    Beantwoord

    Gave opbouw Deborah
    Als die uitkomt ga ik hem zeker lezen.
    Leuk

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *